Nieuws
Een ‘kronkel in de kop’? Dit is wat je dient te weten.
Een ‘kronkel in de kop’? Waarom ernstig probleemgedrag bij honden eerst zorgvuldig onderzocht moet worden
“Die hond heeft een kronkel in zijn kop.” Ik hoor het nog steeds wanneer agressie bij honden zich uit in explosief of ogenschijnlijk onvoorspelbaar gedrag. En wanneer er eenmaal een aantal bijtincidenten op papier staat, wordt die conclusie soms nog harder: deze hond deugt niet, deze hond is gevaarlijk, deze hond moet worden ingeslapen.
Maar wat is die zogenaamde “kronkel” dan precies? En wat weten we eigenlijk écht over de oorzaak van agressie bij honden voordat we zo’n oordeel uitspreken?
Daar begint het voor mij. Want agressie is geen diagnose en een bijtincident vertelt mij niet waarom een hond heeft gebeten. Voordat ik een hond veroordeel, wil ik weten naar welke hond ik daadwerkelijk zit te kijken. Heeft hij pijn? Is hij lichamelijk gezond? Speelt er neurologisch iets? Is hij structureel overbelast? Heeft hij overgewicht? Hoe beweegt hij? Hoe is zijn levensstijl met zijn eigenaren? Wat is de gemoedstoestand van zijn eigenaren? Hoeveel spanning draagt hij dagelijks met zich mee? En misschien nog belangrijker: ziet de eigenaar nog wat de hond daadwerkelijk laat zien? Want daar gaat het verrassend vaak mis.
Als je iedere dag naar dezelfde hond kijkt, ga je dingen normaal vinden
Eigenaren kennen hun hond beter dan wie dan ook. Tegelijkertijd zit daar een valkuil. Je ziet je hond iedere dag. Veranderingen ontstaan vaak langzaam en juist daardoor kun je er blind voor worden.
Overgewicht is daar een heel duidelijk voorbeeld van. Ik ontmoet veel te veel honden die simpelweg te zwaar zijn. Soms benoem ik dat en schiet een eigenaar onmiddellijk in de verdediging. Soms zegt iemand direct: “Ja, ik weet het.” En soms kijkt iemand oprecht verbaasd naar zijn hond omdat hij het zelf helemaal niet meer zag.
Ik veroordeel iemand daar niet om. Ik weet hoe gemakkelijk het is om iets wat langzaam verandert als normaal te gaan beschouwen. Maar ik ga het wel benoemen.
Als ik jou en je hond ontmoet, kijk ik naar de complete hond. Ziet hij er goed uit? Hoe is zijn lichaamsconditie? Hoe beweegt hij? Wat krijgt hij te eten? Hoeveel krijgt hij? Hoeveel beweging krijgt hij werkelijk? Wat valt mij op aan zijn houding en zijn manier van lopen? Misschien zijn dat niet de vragen waarvoor je dacht dat je mij had ingehuurd. Toch horen ze voor mij bij het werk.
Want als jij niet ziet wat ik zie, hoe kunnen we dan verwachten dat je straks de veel subtielere signalen van je hond wel gaat herkennen? Dat is geen kritiek om kritiek te leveren. Dat is bewustwording.
Ik wil niet alleen ander gedrag zien. Ik wil weten naar welke hond ik kijk
De meeste eigenaren die vanwege agressie bij honden of andere ernstige gedragsproblemen bij mij terechtkomen, hebben pijn gelukkig al laten uitsluiten. Mocht dit niet zo zijn, dan kan ik mensen voordat ze een sessie boeken al doorverwijzen. Dat geeft mij ruimte om op mijn manier met hond en eigenaar te werken. Maar wanneer dat niet gebeurd is, of wanneer ik tijdens een sessie iets zie wat mij niet bevalt, trek ik aan de rem.
Ik kijk niet alleen naar blaffen, uitvallen, trekken, grommen of bijten. Ik kijk hoe een hond staat en beweegt. Hoe hij opstaat, hoe hij draait en hoe hij belasting opvangt. Hoe reageert hij wanneer de spanning toeneemt? En als ik daarin iets zie waardoor ik vermoed dat er lichamelijk ongemak speelt, ga ik daar niet overheen trainen.
Ik kan een eigenaar leren anders te communiceren. Ik kan iemand spiegelen en ervoor zorgen dat er meer duidelijkheid ontstaat, werken aan rust, grenzen, vertrouwen en volgen. Maar stel dat ik daarin geweldige vooruitgang boek terwijl die hond ondertussen verkeerd loopt en pijn heeft. Wat heb ik dan werkelijk bereikt? Niets.
Dan heb ik misschien aan de buitenkant gedrag veranderd, maar heb ik niet goed genoeg naar de hond gekeken.
Een te dikke hond is niet alleen een cosmetisch probleem
Overgewicht benoem ik daarom ook bewust. Niet omdat een hond aan een bepaald schoonheidsideaal moet voldoen, maar omdat lichaamsconditie onderdeel is van welzijn. Een hond die structureel te zwaar is, draagt iedere dag extra gewicht mee. Dat doet ertoe voor zijn belastbaarheid, beweging en gezondheid. En wanneer ik vervolgens met die hond wil gaan werken, kan ik niet doen alsof zijn lichaam niets met zijn gedrag en functioneren te maken heeft.
Dat betekent niet dat ik ieder gedragsprobleem of agressie bij honden op overgewicht schuif. Natuurlijk niet. Net zoals niet iedere agressieve hond pijn heeft en niet iedere onvoorspelbare hond een neurologische aandoening heeft. Het betekent dat ik weiger een hond op te delen in losse vakjes. Het lichaam komt niet apart van het gedrag mijn trainingsveld op.
Hoe ik mijn eigen honden graag zie
Op deze beelden zie je mijn eigen honden: een Dobermann en een negen maanden jonge Centraal-Aziatische herdershond. Ik houd mijn honden bewust liever iets schraler dan te zwaar, zeker bij grote en zware honden. Niet omdat ik een hond zo dun mogelijk wil hebben, maar omdat ik wil dat het lichaam functioneel blijft. Ik wil spieren kunnen zien, een duidelijke lichaamsvorm herkennen en tegelijkertijd voldoende lichaamsvet zien en voelen. Een atletische hond dus, geen uitgemergelde hond.
Voor mij zegt lichaamsconditie veel over hoe we naar een hond kijken. Voeding, beweging, spieropbouw, herstel en belasting staan namelijk niet los van elkaar. Een lichaam moet het werk dat we ervan vragen ook daadwerkelijk kunnen dragen. Zeker wanneer ik met mijn honden sport en train, vind ik het belangrijk dat ze sterk en goed bespierd zijn zonder onnodig extra gewicht mee te hoeven dragen.
Dit is ook precies de reden waarom ik niet blind vaar op een standaard voedingsadvies of uitsluitend op de hoeveelheid die op een voerverpakking staat. De juiste hoeveelheid voeding is afhankelijk van onder andere de individuele hond, zijn lichaamsconditie en activiteit. Ik voer daarom op wat mijn hond daadwerkelijk nodig heeft en blijf objectief kijken naar wat ik voor me zie.
Alles staat in verbinding met elkaar
Dat is ook het referentiekader waarmee ik naar de honden van mijn klanten kijk. Ik kijk niet alleen naar wat er aan de lijn gebeurt, maar naar het hele systeem. Hoe beweegt een hond? Waar zit spiermassa? Hoe draagt hij zijn lichaam? Wat krijgt hij binnen en wat vragen we fysiek van hem? Een gezonde lichaamsconditie is voor mij daarom geen kwestie van uiterlijk. Het is onderdeel van gezondheid, belastbaarheid en welzijn.
En misschien ziet een goed getrainde hond er voor sommige mensen in eerste instantie wat “schraal” uit. Dat vind ik niet erg. Ik zie liever een atletische hond waarbij je kunt zien dat het lichaam gebruikt, gevoed en getraind wordt voor wat het moet doen, dan een hond waarvan we overgewicht normaal zijn gaan vinden en waarbij mensen niet meer het verschil zien tussen flanken en tonnetje rond.
“Het valt wel mee” is voor mij geen medische conclusie
Ook pijn wordt door eigenaren soms onderschat. Niet uit onwil, maar omdat mensen gewend raken aan hoe hun hond beweegt en functioneert. Een kleine verandering die een buitenstaander direct ziet, kan voor iemand die de hond dagelijks ziet langzaam de nieuwe normaal zijn geworden. Juist daarom kun je agressie bij honden niet goed beoordelen wanneer je weigert ook naar het lichaam en de belastbaarheid van die hond te kijken.
Wanneer ik tijdens een sessie voldoende signalen zie waardoor ik vermoed dat een hond pijn heeft, kan ik daarom stoppen. Ook wanneer een eigenaar zegt dat het volgens hem wel meevalt. “Het valt wel mee” is geen diagnose, maar een reactie die kan voortkomen uit onwetendheid en soms zelfs uit struisvogelgedrag. Want ja, er zijn helaas ook eigenaren die balen van de kosten wanneer blijkt dat hun hond verder onderzocht of behandeld moet worden.
Ik ben geen dierenarts en ga dus ook niet bepalen wat een hond mankeert. Maar ik ben wel verantwoordelijk voor wat ik tijdens mijn werk van een hond vraag. Als ik reden heb om aan zijn lichamelijke belastbaarheid te twijfelen, wil ik dat eerst laten uitzoeken. Dat is voor mij geen gebrek aan daadkracht. Dat is professioneel werken.
Vroeger zag ik het zelf ook niet altijd bijtijds. Bij mijn eerste twee American Staffordshire terriërs, Rayo en Vida, keek ik anders dan ik nu doe. Inmiddels zie ik bij Espejito en Fefiera iedere millimeter. Niets ontgaat mij. Waarom denk je dat ik al bijna vijf jaar zo intensief met mijn Dobermann kan sporten en wandelen? De enige blessure die hij opliep, ontstond nadat hij op zijn rug viel toen hij over een andere hond heen sprong. Niet door het sporten.
En dan die zogenaamde “kronkel in de kop”
Bij extreem of moeilijk verklaarbaar gedrag wordt al snel gezegd dat een hond “een kronkel in zijn kop” heeft. Ik vind dat net zo kortzichtig als zeggen: “Het heeft op Facebook gestaan, dus het zal wel waar zijn.” Want die zogenaamde “kronkel” kan uiteindelijk iets heel anders blijken te zijn. Extreme pijn bijvoorbeeld, of in sommige gevallen een neurologische aandoening of een tumor. Hoe moet een hond anders laten zien dat hij niet goed in zijn vel zit? Zonder onderzoek is er geen onderbouwde conclusie, alleen een aanname.
Juist bij gedrag dat we niet direct kunnen verklaren, moeten we meer willen weten in plaats van sneller een etiket te plakken. Zeker bij ernstige agressie bij honden vind ik dat je eerst moet onderzoeken wat er daadwerkelijk speelt voordat iemand met een onomkeerbaar oordeel komt.
Ik heb ooit een sessie gehad met een hond waarvan achteraf bleek dat er sprake was van epilepsie. Dat was mij vooraf niet verteld. De hond reageerde tijdens die sessie niet heel anders, maar na de sessie wel. Die ervaring is voor mij een aanleiding geweest om mij veel verder te verdiepen in epilepsie, neurologische problematiek en de relatie tussen lichamelijke processen en gedrag.
Neurologie bij honden
Epilepsie is een neurologische aandoening en kent verschillende verschijningsvormen. Rond aanvallen kunnen bijvoorbeeld veranderingen in gedrag, onrust of desoriëntatie voorkomen. Ik diagnosticeer dat niet. Daar hebben we dierenartsen en veterinair neurologen voor. Maar ik moet als trainer wel weten wanneer ik mijn handen van de training af moet halen.
Wanneer gedrag extreem, plotseling veranderd of medisch moeilijk verklaarbaar is, kan verder veterinair of neurologisch onderzoek noodzakelijk zijn. Of daarbij bijvoorbeeld MRI, CT of andere diagnostiek nodig is, bepaalt een dierenarts of veterinair neuroloog. Dat is een heel ander verhaal dan zeggen dat een hond “een kronkel in zijn kop” heeft.
Een etiket stopt het onderzoek. Deskundigheid begint het juist.
Vijf bijtincidenten. En toch geen verloren hond
Ook bij ernstige agressie bij honden ben ik voorzichtig met snelle conclusies, omdat ik heb meegemaakt hoe groot het verschil kan zijn tussen het dossier van een hond en de hond die uiteindelijk voor je staat.
Ik heb een hond intern gehad waarvoor euthanasie was geadviseerd na vijf bijtincidenten. Dat is ernstig. Vijf bijtincidenten ga ik niet kleiner maken dan ze zijn. Maar die hond kwam bij mij volledig tot rust. Tijdens zijn verblijf bij mij heeft geen enkel nieuw bijtincident plaatsgevonden. Hij viel niet meer uit en was ook niet meer onvoorspelbaar.
Daarmee beweer ik niet dat iedere hond met een ernstige bijtgeschiedenis gerehabiliteerd kan worden. Dat kan niemand verantwoord beloven. Maar het laat wel zien waarom ik weiger om uitsluitend incidenten te tellen en daar vervolgens een definitief oordeel over een hond aan te hangen.
Ik wil de context kennen. Wat gebeurde er vóór de beet? Welke signalen waren er? Wat deed de omgeving? Hoeveel spanning was er al opgebouwd? Kon de hond nog herstellen? Wat had hij geleerd? Wat veranderde er toen zijn omgeving, begeleiding en dagelijkse belasting veranderden?
Vijf beten zijn vijf ernstige gebeurtenissen. Maar ze zijn nog steeds niet de hele hond.
Kritisch zijn is ook dierenwelzijn
Mensen komen niet bij mij omdat ze behoefte hebben aan iemand die overal “ja” op zegt. Ze komen omdat er iets moet veranderen. En verandering begint soms met iets horen wat je zelf nog niet zag. Werken met agressie bij honden betekent voor mij daarom veel meer dan alleen proberen het zichtbare gedrag te stoppen.
Dus ja, ik kan zeggen dat je hond te dik is. Ik kan vragen wat je voert, zeggen dat ik zijn manier van bewegen niet vertrouw. Ik kan een sessie stilleggen wanneer ik pijn vermoed. En als het te warm is om verantwoord te werken, gaan we niet bewijzen hoe fanatiek we zijn door toch door te gaan. Dan plannen we vroeg of passen we de sessie aan.
Ik ben kritisch omdat ik tijdens mijn werk iets van een hond ga vragen. Dan heb ik ook de verantwoordelijkheid om te kijken of die hond dat lichamelijk en mentaal aankan. Dat is voor mij de basis onder iedere methode.
Misschien is niet je hond degene die moet veranderen
Het gedrag van een hond kunnen we observeren, analyseren en steeds beter leren begrijpen. Ook agressie bij honden kunnen we leren lezen en in context plaatsen. Maar het moeilijkste werk zit lang niet altijd in de hond. Soms zit het tegenover mij.
Ik ontmoet eigenaren die bij mij komen omdat ze vastlopen, maar vervolgens weerstand voelen zodra mijn advies iets van hen vraagt. Laat iets medisch onderzoeken. Zet toch maar tijdelijk een Leidy-methode muilkorf in. Verander iets in de dagelijkse routine. Stop met iets wat niet werkt. Kijk opnieuw naar voeding, belasting of verwachtingen. En ja, soms zegt een andere trainer vervolgens dat dat allemaal niet nodig is. Dan moet je uiteindelijk zelf kiezen naar wie je luistert, maar ik vermoed dat deze trainer niet als ik bijtincidenten heeft gekend die uiteindelijk de rechtszaal behaalde. Aangezien ik dit heb meegemaakt, kan ik niet tegen beter weten in niets doen. Agressie bij honden vormt een probleem als eigenaren nalatig blijven.
Wanneer jouw weerstand belangrijker wordt dan het probleem van je hond
Maar wees daar eerlijk in. Als je bij mij komt omdat je vindt dat je huidige aanpak onvoldoende oplevert, en je vervolgens ieder advies dat schuurt naast je neerlegt omdat iemand anders zegt dat het niet hoeft, dan kan ik je niet helpen. Ik ga mijn tijd en energie niet steken in iemand die verandering van zijn hond verlangt, maar zelf iedere verandering buiten de deur houdt.
En misschien is dat wel de grootste blinde vlek die ik bij mensen zie.
Verwacht niet van je hond wat je zelf niet bereid bent te doen
We verwachten ontzettend veel van honden. De hond moet hulphond worden omdat wij dat voor hem bedacht hebben en het papiertje je wat gaat opleveren. Hij moet canicross leuk vinden, terwijl hij helemaal niet graag trekt. Een jachthond moet jagen omdat er nu eenmaal “jachthond” op zijn rasbeschrijving staat, terwijl die individuele hond liever met andere honden bezig is. Hij moet sociaal zijn, rustig zijn, luisteren, presteren, herstellen en zich aanpassen aan het leven dat wij voor hem hebben uitgestippeld.
Maar wanneer heeft de hond daar zelf voor gekozen? Een ras geeft aanleg. Het geeft geen contract waarin staat wat jouw individuele hond voor jou moet worden.
Dus voordat je mij vraagt hoe je jouw hond kunt veranderen, stel ik je liever een moeilijkere vraag: ben jij bereid te veranderen wanneer blijkt dat jij iets anders moet doen? Ja, denk daar nog maar eens over na.
Want je kunt niet van een hond verwachten dat hij zijn patronen doorbreekt terwijl jij de jouwe koste wat kost beschermt. Je kunt geen vertrouwen verlangen terwijl je signalen blijft negeren. En je kunt geen bewustwording van je hond verwachten als je zelf weigert naar je eigen blinde vlekken te kijken.
Van ‘ik wil het’ naar ‘ik ga het doen’
Luisteren naar je hond betekent soms accepteren dat hij niet de hond wordt die jij in je hoofd had. En als je alleen hulp zoekt die bevestigt wat je toch al wilde horen, ben ik beslist niet de hondencoach voor jou. Ik kan alleen wat met mensen die van willen zijn overgestapt naar: ‘ik ga het doen’.
Dus als je bereid bent om werkelijk te kijken (ook wanneer wat je ziet confronterend is) dan kunnen we werken. Want ja, ik ga je in ontwikkeling zetten, want anders blijft de dynamiek met je hond ingewikkeld. En ik werk niet aan de hond die jij vindt dat hij zou moeten zijn. Ik werk aan de hond die daadwerkelijk voor ons staat.
Soms moet iemand van buitenaf je hond opnieuw aan je laten zien
Dit is uiteindelijk misschien wel het belangrijkste onderdeel van mijn werk. Ik train niet alleen een hond. Ik leer een eigenaar opnieuw kijken.
Niet alleen zien dat je hond uitvalt, maar leren zien wat eraan voorafgaat. Niet alleen zeggen dat hij “altijd al zo loopt”, maar nog eens kijken naar hoe hij loopt. Ook niet automatisch denken dat zijn gewicht wel meevalt, maar eerlijk naar zijn lichaamsconditie kijken. Niet zeggen dat hij uit het niets beet, maar leren herkennen welke signalen daarvoor misschien al zichtbaar waren.
Eigenaren worden soms blind voor hun eigen hond. Ik zeg dat niet vanuit een ivoren toren. Ik weet hoe dat werkt. I’ve been there, I’ve done that. Juist daarom is een goed extern referentiekader zo waardevol. En dat is wat je van mij krijgt.
Niet iemand die bevestigt wat je al denkt
Niet iemand die na drie incidenten roept dat je hond een kronkel in zijn kop heeft. Ook niet iemand die koste wat kost haar trainingsmethode wil uitvoeren. En ook niet iemand die alles goedpraat omdat een confronterende boodschap misschien minder prettig is om te horen. Agressie bij honden mag zeker niet worden gebagatelliseerd, maar het gaat veel verder dan het gedrag aan de buitenkant.
Je krijgt iemand die kijkt. Die doorvraagt. Die benoemt wat ze ziet. Die weet wanneer ze kan trainen en ook wanneer ze moet stoppen. Die haar eigen vakgebied serieus genoeg neemt om te weten wanneer een dierenarts of specialist nodig is.
Want uiteindelijk interesseert het mij niet of een sessie er indrukwekkend uitziet. Ik wil dat jij je hond beter leert zien.
Als jij na mijn begeleiding alleen een hond hebt die beter naar je luistert, vind ik dat niet genoeg. Ik wil dat jij begrijpt wie er aan de andere kant van de lijn staat, eerder ziet wanneer er iets verandert en bewuster kunt handelen voordat een probleem groter wordt.
Dat is voor mij werken aan gedrag. Ook wanneer het gaat om agressie bij honden neem ik daarom geen genoegen met: “Hij heeft gewoon een kronkel in zijn kop.”
Mijn naam is Leidy Zijlstra en ik coach de eigenaar achter de hond. Klaar voor de start? Boek dan gerust online jullie sessie en dan gaan we eens wat patronen doorbreken en blinde vlekken ontvlekken. Ben je nieuw met de Leidy-methode? Dan wil ik je graag alvast leren waar je naar dient te kijken, zodat je de wereld van je hond niet blijft verkleinen maar gaat verrijken. Download de wandel checklist en als je meer verdieping wil dan is het wandel minipakket zeker aan te raden.